Hbo neemt regie op onderzoeksinformatie

Binnen hogescholen bestaat een brede en groeiende behoefte aan een flexibel, modulair en open systeem voor het beheren en delen van onderzoeksinformatie en metadata. Deze behoefte wordt gevoed door onder meer toenemende verantwoordingsvragen, de wens tot betere zichtbaarheid van praktijkgericht onderzoek en de noodzaak om onderzoeksinformatie sectorbreed te kunnen hergebruiken. De behoefte wordt extra gevoed door actuele ontwikkelingen rondom digitale soevereiniteit en de uitgangspunten van de Barcelona Declaration on Open Research Information.

Wat is MORIS en waarom is het belangrijk?

MORIS (Modulair Open Research Information System) is een onderzoeksinformatiesysteem dat in ontwikkeling is voor alle Nederlandse hogescholen. In MORIS kan informatie over toekomstig, lopend en afgerond praktijkgericht onderzoek worden vastgelegd en ontsloten. Het gaat daarbij om informatie over projecten, partijen (o.a. lectoraten en betrokken partners), personen en producten (o.a. publicaties, datasets en software).

Op basis van de gezamenlijke behoefte heeft het CSC-hbo groen licht gegeven voor de ontwikkeling van MORIS, te beginnen met een proof of concept. In deze Proof-of conceptfase, die gestart is in juni 2025 en die in april 2026 wordt afgerond, is de haalbaarheid en richting van MORIS vastgesteld.

Modulaire, open architectuur

Uit de gesprekken met hogescholen komen twee duidelijke behoeften naar voren. De eerste behoefte betreft de kern van de oorspronkelijke RIS-opdracht; de tweede behoefte raakt aan de wijze waarop onderzoeksinformatie in het primaire proces ontstaat.

Het samenbrengen van onderzoeksinformatie (metadata)
Informatie uit verschillende bronsystemen (zoals projectadministraties, HR-systemen en repositories) moet worden samengebracht om een actueel en compleet overzicht te krijgen van toekomstig, lopend en afgerond onderzoek.
Het registreren van projectinformatie tijdens de looptijd van onderzoek (projectmodule)
Er is behoefte aan een gebruiksvriendelijke oplossing waarin projectinformatie gedurende het onderzoeksproces kan worden vastgelegd en bijgehouden.

MORIS maakt gebruik van open API’s en internationale standaarden (ORCID, DOI, RAiD, ROR).

Onderstaande visualisatie laat zien hoe MORIS zich als verbindende schil positioneert rond bestaande infrastructuur in de verschillende fasen van het onderzoeksproces: van aanvraag en voorbereiding ("before"), via uitvoering ("during"), tot valorisatie en publicatie ("after").

MORIS koppelt met bronsystemen, PID-infrastructuren en externe publicatiekanalen zoals Publinova, OpenAIRE Graph en instellingswebsites. Deze aanpak maakt de infrastructuur schaalbaar, modulair en compatibel met uiteenlopende technische omgevingen.

Ontworpen voor en door hogescholen

MORIS wordt gefaseerd ontwikkeld door SURF in samenwerking met het DCC-PO en de Nederlandse hogescholen. Het project is een zogeheten 'signature project' van het DCC-PO en draagt bij aan de gezamenlijke informatiepositie van het hbo.

De Nederlandse hogescholen hebben zich gecommitteerd aan de gezamenlijke ontwikkeling van MORIS op basis van de volgende uitgangspunten:

MORIS wordt collectief ontwikkeld voor en door de hbo-sector
De sector investeert gezamenlijk in de verschillende ontwikkelfases
Er wordt toegewerkt naar een duurzaam beheermodel, waarbij MORIS als sectorvoorziening beschikbaar komt
Instellingen behouden ruimte voor eigen keuzes, maar onderschrijven het belang van een gezamenlijke basisvoorziening

Grip, zichtbaarheid en samenwerking

Met MORIS krijgen instellingen grip op hun eigen data, wordt onderzoeksoutput beter zichtbaar via platforms als Publinova, en wordt het eenvoudiger om landelijk samen te werken, te benchmarken en trends te signaleren. MORIS is bovendien van grote waarde voor landelijke organisaties als SIA, de VH en Open Science NL, die hierdoor beter zicht krijgen op wat er speelt in het praktijkgericht onderzoek.

Alternatief voor vendor lock-in

MORIS biedt op termijn een publiek beheerde oplossing. De data blijven onder regie van de instellingen zelf, transparant en toegankelijk volgens de principes van open science.

Waar staan we nu?

Voor de ontwikkeling van MORIS wordt het LCPM-proces (Lifecycle Product Management) van SURF gevolgd, waarbij kwaliteitsaspecten (o.a., architectuur, privacy, security) en beleidskaders (o.a. publieke waarden) worden meegenomen. Inmiddels zijn de eerste twee fases van het LCPM-proces doorlopen: de exploratiefase en de proof of concept-fase.

Exploratiefase

In de exploratiefase is er een project start architectuur opgesteld, de value proposition uitgewerkt en DSpace/DSpaceCRIS als oplossing onderzocht.

Proof of concept-fase

De proof of concept (PoC) is uitgevoerd van oktober 2025 tot februari 2026 met Hogeschool Utrecht, Avans, en SURF. Op verschillende momenten zijn reviewsessies georganiseerd om feedback op te halen.

In de PoC is is de ontwikkeling van MORIS op basis van een open en modulaire RIS-oplossing (Research Information System) van een bestaande open source software-applicatie (DSpace/DSpaceCRIS) verkend.

Tijdens deze verkenning is een fundamentele vraag naar voren gekomen: Is een RIS als zelfstandige voorziening voldoende om onderzoeksinformatie duurzaam actueel, en herbruikbaar te houden? De PoC liet zien dat de kwaliteit en actualiteit van de onderzoeksinformatie sterk afhankelijk zijn van de manier waarop onderzoeksinformatie in het primaire proces wordt vastgelegd. Om deze reden is de verkenning voortgezet naar het ontwikkelen van MORIS op basis van een in eigen beheer ontwikkelde open source software workflow applicatie.

In de eerste verkenning ligt de focus op de eerste functionele behoefte: het samenbrengen van onderzoeksinformatie vanuit verschillende bronsystemen. De tweede verkenning richt zich voornamelijk op de tweede functionele behoefte: het registreren van projectinformatie tijdens de looptijd van onderzoek. Het projectteam heeft geconcludeerd dat beide functionele behoeften noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van MORIS.

Voor de verdere ontwikkeling van MORIS heeft het projectteam geëxploreerd of het proces van het uitvoeren van een onderzoekproject als kapstok kan dienen voor het verzamelen van onderzoeksinformatie en metadata. Daarbij is onderzocht of er op relevante momenten (events) vanaf de start en tijdens het uitvoeren van een onderzoeksproject (externe) bronnen aangesproken kunnen worden, gebaseerd op PIDs. Denk aan het aanspreken van een HR-bron op het moment dat een team onderzoekers wordt toegewezen aan een project.

Door het project als basis van registratie in te zetten ondersteunt MORIS het primaire proces. Hiermee begeeft MORIS zich nadrukkelijk op het domein van procesondersteuning (uitvoering), in plaats van uitsluitend registratie en ontsluiting. MORIS kan hierdoor gezien worden als ‘system of engagement’ (workflow-ondersteuning) en ‘system of records’ (metadatahub).

Digitale soevereiniteit

MORIS sluit aan bij de strategische visie van SURF waar digitale soevereine sectorvoorzieningen ontwikkeld worden op basis van herbruikbare modulaire bouwblokken. Door MORIS op te nemen als reguliere dienst van SURF garandeert SURF de doorontwikkeling, beheer, onderhoud en continuïteit van MORIS.

Vooruitblik en tijdlijn komende fase

Met de bevindingen uit de proof of concept-fase adviseert het projectteam om de pilotfase in te gaan op basis van MORIS als zowel System of engagement als system of records. De pilotfase heeft tot doel om een minimaal werkbaar product (MVP) te ontwikkelen dat specifiek gericht is op de behoefte om projectinformatie te registreren.

De MVP maakt het mogelijk om projectinformatie open, duurzaam en uniek vindbaar te registreren, waarbij het motto “create once, reuse often” centraal staat. Na afronding van de pilot zal het MVP onderzoekers in ieder geval in staat stellen om:

  • Projectinformatie te registreren (project aanmaken, projectleden en partners toevoegen en (tussentijdse) resultaten koppelen)
  • Altijd de laatste status van hun project te kunnen inzien
  • Samen te werken in projecten, zowel binnen de instelling, als in instellingsoverstijgende projecte

De pilotfase start in april 2026 en loopt volgens planning tot in het voorjaar van 2027.

Meer weten?

Mail het projectteam of meld je aan voor de MORIS nieuwsbrief

VH-erkenning als 'in-kind' bijdrage

MORIS is door de Vereniging Hogescholen als ‘in-kind’ bijdrage erkend. In het Bestuurlijk Overleg van 20 november 2024, waar gesproken werd over de bezuinigingen bij OSNL, is afgesproken dat partners ook zonder directe financiering kunnen bijdragen via projecten die zij zelf trekken en uitvoeren. MORIS is een concreet voorbeeld van zo’n door het Bestuurlijk Overleg goedgekeurd project.